Doorgaan naar hoofdcontent

Wat zijn de regels voor nieuwe straatnamen?

Dorstige Smid, Mickey Mousestraat, Kerstomaatplantsoen. Tussen alle vragen die mensen me stellen over straatnamen, komen twee vragen iedere keer weer terug: wie bedenkt toch al die nieuwe straatnamen en wat voor regels gelden daarbij?

Het vaststellen van straatnamen is een taak van de gemeente - het gebeurt in het algemeen door het College van B&W. Veel gemeentes hebben een speciale straatnaamcommissie, die advies uitbrengt aan het College. In de commissie zitten deskundigen met verschillende achtergronden, zoals een stadshistoricus en een stedenbouwkundige. De manier waarop in een gemeente de straatnamen worden vastgesteld, is vastgelegd in een 'Verordening Straatnaamgeving en huisnummering'. In die verordening kan een gemeente ook richtlijnen voor de straatnamen opnemen, maar dat is niet verplicht. Het kan ook zijn dat de straatnaamcommissie ongeschreven regels hanteert.

Er is dus niet één vaste lijst met regels waar alle straatnamen in Nederland aan moeten voldoen. Maar als je kijkt welke regels de verschillende gemeentes hanteren, dan kun je wel een lijst met veelgebruikte richtlijnen maken. En dat is precies wat ik hieronder ga doen.

Herkenbaarheid
Straatnamen moeten duidelijk en herkenbaar zijn.
  • Men streeft naar samenhang in de naamgeving van straten die bij elkaar in de buurt liggen. Voor wijken wordt daarom vaak een overkoepelend thema gehanteerd voor alle straatnamen. Zo komt men op de schilderswijk, de zeeheldenbuurt en de bomenbuurt. Als iemand je vraagt waar de Kastanjelaan is en je weet niet waar die ligt maar je weet wel waar de Eikenlaan is, dan kun je hem waarschijnlijk toch wel ongeveer de goede kant op sturen. Zo'n thema maakt het dus makkelijker om je in de stad te oriënteren. Wanneer in een bestaande wijk nieuwe wegen worden aangelegd, is het soms een uitdaging om nieuwe namen te vinden die binnen het bestaande thema passen. Je ziet tegenwoordig trouwens ook wel dat men in een wijk voor samenhang in de straatnaamgeving zorgt door alle straten hetzelfde achtervoegsel te geven, zoals -kruid, -borg of -akker.
  • Het is niet handig als straatnamen te veel op elkaar lijken, dus dat probeert men altijd te voorkomen. Ik heb eerder al eens geschreven hoe verwarrend het kan zijn als er in één stad een Kalverstraat en een Klaverstraat is. Het is onhandig als je daardoor te laat op een afspraak komt, als je pizza te laat wordt bezorgd of de post op het verkeerde adres wordt afgeleverd, maar het kan zelfs levens kosten als de ziekenwagen of de brandweer naar de verkeerde straat rijdt. Als er al een Steenstraat in een gemeente is, is dat een goede reden om in de schilderswijk niet ook nog een Jan Steenstraat erbij te nemen. Door gemeentelijke herindeling kan het zijn dat er ineens twee identieke straatnamen binnen een gemeente liggen; vaak kiest men er dan voor om zo snel mogelijk één van de twee te hernoemen.
  • Men probeert straatnamen altijd zo te kiezen dat het achtervoegsel goed past bij het soort straat. Een klein smal straatje noem je geen -boulevard en een drukke brede weg geen -steeg. Sommige gemeentes hebben zelfs definities vastgelegd waar een straat aan moet voldoen voor die -hof, -plantsoen of -singel mag heten. Je ziet tegenwoordig steeds meer straatnamen zonder achtervoegsel. Dat is heel modern, maar zo'n naam is zonder achtervoegsel wel veel minder duidelijk herkenbaar als straatnaam. In Amsterdam hebben ze daarom bepaald dat het gebruik van achtervoegsels altijd de voorkeur heeft.
Bruikbaarheid
Straatnamen worden gebruikt om elkaar de weg te wijzen en ervoor te zorgen dat alles en iedereen precies uitkomt waar hij moet zijn.
  • Je moet zonder misverstanden met of over een straatnaam kunnen communiceren. Een straatnaam moet dus makkelijk te schrijven zijn en duidelijk verstaanbaar zijn. Als iemand je een straatnaam vertelt, zou je die eenvoudig foutloos op moeten kunnen schrijven. Om die reden kiest men in het algemeen namen met een eenvoudige spelling. Dat verklaart waarom er zo weinig straten zijn genoemd naar de componist Hacquart, wiskundige Boussinesq of freule Wttewaal van Stoetwegen ("da's met wee-tee-tee..."). AT5 maakte onlangs een leuke reportage over de uitspraak van wat moeilijke gevallen zoals de Nepveustraat en de Carolina Maggie... Maggilaverij... Macgillavrylaan.
  • Nieuwe straatnamen worden bij voorkeur geschreven volgens de huidige spellingsregels. Als een straatnaam wordt genoemd naar een historische naam die op verschillende manieren geschreven kan worden, dan gebruikt men de spellingsvariant die het dichtst bij de huidige spelling ligt. In Rotterdam ligt bijvoorbeeld de Aleyda van Raephorstlaan - het was makkelijker geweest als men dat gewoon de Aleida van Raaphorstlaan had genoemd. Nou veranderen die spellingsregels nog wel eens en daardoor bestaan er straatnamen die op het moment van vaststellen nog aan de toen geldende spellingsregels voldeden, maar niet meer aan de spellingsregels die we nu hanteren. Er zijn bijvoorbeeld tientallen plaatsen met een Lindenlaan, wat volgens de huidige regels een Lindelaan zou moeten zijn. Omdat het veel administratief gedoe en kosten oplevert om straatnamen te veranderen (bedrijven moeten nieuw briefpapier en zo, en alle bewoners moeten adreswijzigingen gaan sturen), kiest men er meestal voor om een in het verleden vastgestelde straatnaam gewoon te houden zoals die is.
  • Als een straatnaam langer is dan 24 tekens, moet deze in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) worden ingekort volgens de inkortingsregels van de zogenaamde BOCO-norm (BOCO is de Bestuurlijke Overleg Commissie Overheidsinformatisering). Vandaar dat veel gemeentes maar gewoon als regel hebben opgenomen dat een nieuwe straatnaam niet langer dan 24 tekens mag zijn, want dan hoef je ook niet na te denken hoe je die naam in moet korten. En dat is wel handig, want die lange namen zijn misschien wel mooi maar helemaal niet handig in het gebruik. Korte straatnamen passen veel makkelijker op een straatnaambord en zijn ook sneller in het voorbijrijden te lezen. De langste straatnaam van Nederland is trouwens de Burgemeester Baron van Voerst van Lyndenstraat in Gramsbergen; dat wordt officieel ingekort tot Burg Bar v V v Lyndenstr... dat is lekker duidelijk.
  • Bij het kiezen van nieuwe straatnamen probeert men rekening te houden met verhaspelingen, en dubbelzinnigheden zo veel mogelijk te voorkomen. In plaatsen met een Kanaalstraat of Kanaaldijk komt het nog wel eens voor dat kwajongens op het straatnaambordje de K wegpoetsen - hihi. Straatnamen zoals Pijperstraat en Wipperplein zullen tegenwoordig niet vaak meer worden vastgesteld. Zou men zich in 1975 in Haarlem bij het vaststellen van de naam Voortingsplantsoen hebben gerealiseerd dat dat wel erg aan voortplanting doet denken?
Persoonlijkheid
Een bijzondere categorie wordt gevormd door de straatnamen die naar personen zijn genoemd. Het is mooi om mensen die iets bijzonders hebben gepresteerd met een straatnaam te vereren en zo voor eeuwig voort te laten leven, maar daarbij moet je wel zorgvuldig zijn.
  • Natuurlijk komen alleen aansprekende en vooraanstaande personen in aanmerking, die onomstreden zijn, een goede reputatie hebben, en liefst ook nog een verdienstelijke bijdrage hebben geleverd aan de gemeenschap. Zo komt men vaak op thema's zoals het koningshuis, erflaters (schrijvers, dichters, schilders, wetenschappers), sporthelden en ingenieurs, en lokale helden zoals burgemeesters, geestelijken en schoolmeesters. Als een straat naar een persoon wordt genoemd moet het verleden van die persoon altijd goed onderzocht worden om zeker te weten dat de persoon werkelijk onomstreden is, en er geen smet op de naam rust.
  • Er worden in principe geen straten genoemd naar personen die nog in leven zijn. Je kunt nog zo goed onderzoeken of iemand onomstreden is en een goed leven heeft geleid, maar als je met de vernoeming wacht tot de persoon overleden is, weet je zeker dat die ook nooit meer iets fouts zal doen. In veel gemeentes is deze regel nog scherper gesteld: er mag daar pas een straat naar een persoon worden genoemd als deze bijvoorbeeld vijf of zelfs tien jaar dood is. Als iemand al wat fout heeft gedaan tijdens zijn leven dan moet dat in die periode na zijn dood toch wel bekend zijn geworden. Op deze manier wordt bovendien voorkomen dat naar de waan van de dag gehandeld wordt; zonder deze regel zouden er naar verwachting veel meer straten naar Pim Fortuyn zijn genoemd. De regels maken vaak een speciale uitzondering voor leden van het koningshuis, want die zijn per definitie vooraanstaand en onomstreden. Sterker nog: bij de geboorte van nieuwe prinsjes of prinsesjes worden er vaak de dag erna al straten naar ze genoemd. In de praktijk worden er soms ook uitzonderingen gemaakt voor sporthelden, zoals Ranomi Kromowidjojo.
  • Bij het vernoemen van straten naar personen moet erop worden gelet dat het soort weg wel past bij de persoon. Simpel gezegd: noem geen zandpad naar de koning en noem geen steeg naar een held. Dat is nog wel eens een probleem als er een nieuwe prinses geboren wordt of een sporter een gouden medaille haalt op de Olympische Spelen. Als je dan een straat naar die persoon wilt noemen, moet er nog maar net een mooie straat beschikbaar zijn die nog geen naam heeft. Er zijn gemeentes die om die reden hun bruggen, plantsoenen en rotondes onbenoemd laten, zodat die later als zich een gelegenheid aandient gemakkelijk naar een nieuwe held kunnen worden genoemd.
  • In het verleden zijn er veel meer straten naar mannen genoemd dan naar vrouwen. Vandaar dat sommige gemeentes de regel hanteren dat bij gelijke geschiktheid de vrouw voor gaat.
  • Er zijn gemeentes die als richtlijn hebben dat ze liever straten naar personen noemen dan naar dingen. Het idee daarbij is dat het mooier is om de herinnering aan bijzondere personen levend te houden dan straten te noemen naar ambachtsattributen, scheepsonderdelen of andere objecten. Omdat het kiezen van geschikte personen soms zo veel tijd kost, heeft men in in andere gemeentes besloten om juist géén straten naar personen te noemen. Dan hoef je namelijk ook geen onderzoek te doen of iemand wel netjes geleefd heeft, je krijgt ook nooit protest van mensen die juist een hekel aan de persoon hadden, en je hoeft ook nooit uit te leggen waarom je naar de ene persoon wel een straat noemt en naar een andere niet. Elk nadeel heeft zijn voordeel, en het is maar net wat je als gemeente belangrijk vindt.
Daarmee hebben we de belangrijkste regels wel op een rij. Er zijn ook nog wel regels die meer bij de ene gemeente passen dan bij de andere. Zo zijn er gemeentes die in de richtlijnen vastleggen dat een straatnaam bij voorkeur gerelateerd moet zijn zijn aan de geschiedenis van de stad of omgeving. Andere gemeentes vinden originaliteit juist belangrijk; daar noemen ze liever straten naar striphelden of figuren uit In de Ban van de Ring dan naar burgemeesters of de bekende schilders uit de Gouden Eeuw.

Met deze regels hebben de straatnaamcommissies nog steeds behoorlijk wat vrijheid. Uiteindelijk komt het ook gewoon op gezond verstand aan. Bedenk of een mooie straatnaam die je bedacht hebt over vijftig jaar nog steeds zo mooi is, en vraag je af of je zelf in een straat met die naam zou willen wonen. Als het antwoord op een van die twee vragen "nee" is, dan is het blijkbaar toch niet zo'n goede straatnaam.

Dubbeleworststeeg, Hoerejacht, Eendenkotsweg, Poepershoek. Op lijstjes met rare straatnamen staan vaak van dat soort namen. Zijn die allemaal ooit door een straatnaamcommissie bedacht? Nee, het gaat hier meestal om historische namen uit een tijd dat de straatnamen niet door een commissie werden bedacht maar gewoon in de volksmond ontstonden. Dat was een tijd dat er écht nog geen regels voor straatnamen waren.

Reacties

Anoniem zei…
Hoe kom ik in zo'n Straatnaamcommissie!?
Kees Crone zei…
zie boek Arnhem dubbelstad. Ook te koop bij Bol.com
http://www.bol.com/nl/s/algemeen/zoekresultaten/Ntt/kees%2Bcrone/N/0/Nty/1/search/true/searchType/qck/defaultSearchContext/media_all/sc/media_all/index.html?_requestid=3178
Anoniem zei…
Volgens mij bestond vroeger (?) in Deventer de mr. Rutger Jan Schimmelpennickstraat. Deze is toch nog langer?
Dinx zei…
@Anoniem: Nee, dat is niet langer.
Anoniem zei…
In de Nobelprijswinnaarsbuurt in De Bilt is een Prof. Dr. P.J. Crutzenlaan. Crutzen leeft volgens mij nog, is niet getrouwd met een prins(es) en ook geen Olympisch kampioen.
Dinx zei…
@Anoniem: Daar heb je gelijk in. Maar er zijn wel uitzonderingen op die regel, bijvoorbeeld voor Nobelprijswinnaars. Dat zijn namelijk vaak aansprekende en vooraanstaande personen die een verdienstelijke bijdrage hebben geleverd aan de samenleving.
Fr@ zei…
Ook een opmerkelijke straatnaam in Rotterdam: Ajaxstraat. Staat los van de voetbalclub en is gelegen in de Griekse godenbuurt.
idur zei…
In Nieuwegein heb je de Schansenbuurt zoals de Bedumerschans. Is dat correct? Moet het niet Bedummerschans zijn?
Dinx zei…
@idur:
Nee, 'Bedumer' moet met één m. Zo wordt het ook op andere plaatsen gemaakt. Het is vergelijkbaar met woorden als 'haviken' en 'monniken' die je met één k schrijft, omdat de klemtoon op de eerste lettergreep ligt.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...

Populaire berichten van deze blog

Wat is de echte Monopoly-stad van Nederland? En waar ligt Ons Dorp?

Een tijd geleden heb ik al eens uitgelegd wie de straatnamen heeft gekozen voor het Nederlandse Monopoly-spel. De Nederlandse editie van het spel was de eerste waarin straatnamen uit verschillende steden werden gebruikt. Dus vroeg ik me af: is er misschien toch één stad te vinden die al die straatnamen heeft? Dan zouden ze daar mooi hun geheel eigen editie van het spel kunnen maken. Tijdens die zoektocht diende nog een tweede vraag zich aan: waar ligt Ons Dorp?

Laten we eerst eens even kijken hoe bijzonder die straatnamen uit het Monopoly-spel eigenlijk zijn. In de top-10 met straatnamen die in het Nederland het meest voorkomen, staat één straat uit Monopoly: de Dorpsstraat. Die komt in Nederland 315 keer voor, van Aalsmeer tot Zwolle. De Brink komt 67 keer voor, van Almelo tot Zuidwolde. Op 43 plaatsen ligt een Steenstraat, van Alphen aan den Rijn tot in Zwolle. Dan komen we bij een bijzonder geval: de Houtstraat komt 32 keer voor in Nederland (van Almere tot Wolvega), maar vreemd ge…

De langste straatnamen van Nederland

Wat zijn de langste straatnamen van Nederland? Ik zet deze mooie namen graag voor je op een rijtje.

Om de lengte van een straatnaam te bepalen volstaat het niet om op de straatnaamborden te kijken, want soms hangen er in één straat al borden met verschillende schrijfwijzen van dezelfde naam. Het is beter om uit te gaan van de officiële schrijfwijze van de straatnaam zoals die is vastgelegd in de BAG, de Basisregistraties Adressen en Gebouwen. Dat levert de volgende top-10 op:
Ir. Mr. Dr. van Waterschoot van der Grachtstraat in Heerlen (48 tekens in totaal, 38 tekens zonder punten en spaties)Burgemeester Baron van Voerst van Lyndenstraat in Gramsbergen (46/41 tekens)Wethouder Fierman Eduard Meerburg senior kade in Katwijk (45/40 tekens)Burgemeester Baron van Voorst tot Voorstweg in Tilburg (43/38 tekens)Burgemeester van Nispen van Sevenaerstraat in Laren (42/38 tekens)Burgemeester van Hövell tot Westerflierpad in Halfweg (42/38 tekens)Burgemeester Hoytema van Konijnenburglaan in Scherpe…

Van Abel Tasmanstraat tot Zanddijk: Den Helder is eigenlijk net Dordrecht!

Heb je dat ook wel eens: dat je door Den Helder loopt en steeds weer het gevoel hebt dat je in Dordrecht bent? Dat is helemaal niet zo vreemd, want bijna twintig procent van de straatnamen in Den Helder komt ook in Dordrecht voor.

Den Helder heeft 462 straatnamen en Dordrecht heeft er 1057. Er zit behoorlijk wat overlap in de straatnamen van deze twee steden. Zo hebben ze allebei een Abel Tasmanstraat, een Buys Ballotstraat, een Cronjéstraat, een Dommelstraat en een Zanddijk. In totaal hebben ze zo 87 straatnamen dubbel; dat is voor Den Helder dus 18,8% van alle straatnamen. Even ter vergelijking: Den Helder heeft maar 5% van de straatnamen dubbel met Doetinchem en 6% met Delft.

Hoe komen Den Helder en Dordrecht aan zo veel dubbele straatnamen? Het helpt enorm dat ze allebei een bloemenbuurt hebben (met een onder andere een Anjelierstraat en een Rozenstraat), een Indische buurt hebben (met bijvoorbeeld een Javastraat en een Lombokstraat), een buurt met bomen en heesters (met een Kampe…

Wie heeft de straatnamen van Monopoly gekozen?

De Barteljorisstraat, Neude, A-Kerkhof en de Kalverstraat. Iedereen kent de straatnamen uit het Monopoly-spel. Maar waarom hebben nou juist deze straatnamen een plekje in het spel gekregen? Waarom heeft men uit Rotterdam niet de Weena of de Lijnbaan gekozen, en voor Amsterdam de P.C. Hooftstraat? En waarom zitten Haarlem en Arnhem er wel in, en Maastricht en Eindhoven niet? Wie heeft dat allemaal bedacht?

Voor de geschiedenis van het spel gaan we even helemaal terug naar 1904. Elizabeth Magie vroeg toen patent aan op het bordspel 'The Landlord's Game'. Geïnspireerd door dat spel liet Charles Darrow in 1934 in eigen beheer 5000 exemplaren van het spel 'Monopoly' maken en die waren binnen een jaar verkocht. Toen toonde Parker Brothers interesse om het spel in de Verenigde Staten uit te geven. Zij verkochten binnen een jaar meer dan een miljoen exemplaren. De populariteit van het spel bleef niet onopgemerkt en de Engelse firma Waddington kocht in 1936 de rechten om het…