zaterdag 25 juni 2016

Beverwijk noemt een straat naar Marco Bakker... maar die leeft toch nog?

Veel gemeentes hebben de regel dat er alleen straten worden genoemd naar mensen die al meer dan vijf of tien jaar dood zijn. Eigenlijk worden er alleen uitzonderingen op die regel gemaakt voor leden van het koningshuis, grote sporthelden of burgemeesters. Maar in Beverwijk doet men daar niet moeilijk over. Daar worden binnenkort straten genoemd naar zangeres Annie Palmen, wielrenner Ab Geldermans en zanger Marco Bakker. Maar Marco Bakker... die leeft toch nog?

De aanleiding voor deze vernoemingen was het verzoek dat de gemeente Beverwijk kreeg om een straat te noemen naar de zangeres Annie Palmen. Palmen trad regelmatig op op de radio en werd bekend als Drika van de 'Boertjes van Buuten', de huisband van de KRO. In 1963 deed zij namens Nederland mee aan het Eurovisie Songfestival in Londen, maar daar werd ze met nul punten gedeeld laatste. Palmen kwam uit Beverwijk en is er blijkbaar nog erg geliefd, want er werd volop actie gevoerd voordat het verzoek bij de gemeente werd ingediend. De gemeente vond het ook meteen een charmant idee.

Bij het toekennen van straatnamen streeft men altijd graag naar samenhang met de andere straatnamen in de buurt. Daarom is het lastig om ergens één straat naar Annie Palmen te noemen. Vandaar dat de gemeente op zoek ging naar een nieuwe buurt waar meerdere nieuw aan te leggen straten naar bekende Beverwijkers zouden kunnen worden vernoemd. In het verzoek aan de gemeente om een straat naar Annie Palmen te noemen, stond overigens ook al de suggestie om ook andere Beverwijkers te vernoemen. De plek daarvoor vond men in het project Binnenduin, waar vijf nieuwe straten een naam moeten krijgen. Naast Annie Palmen krijgen ook zangeres Rita Hovink, kunstenaar Jan van der Schoor, wielrenner Ab Geldermans en zanger Marco Bakker daar een eigen straat. Dat worden dus de Annie Palmenlaan, de Rita Hovinkstraat, de Jan van der Schoorstraat, de Ab Geldermanshof en de Marco Bakkerstraat. Hovink overleed in 1979, Palmen in 2000 en Van der Schoor in 2008. Geldermans en Bakker leven allebei nog.

Ab Geldermans was als wielrenner aardig succesvol in de jaren zestig. Hij won etappes in allerlei meerdaagse koersen, werd Nederlands kampioen en won de klassieker Luik-Bastenaken-Luik. In 1962 droeg hij de gele trui in de Tour de France en werd hij knap vijfde in het eindklassement. Hij was in 1968 ploegleider van Jan Jansen toen die de Tour de France won. Er zijn sporters die minder gepresteerd hebben en naar wie toch al een straatnaam genoemd is, dus het is niet vreemd dat aan Geldermans nu ook die eer gegund is.

Marco Bakker is een zanger met een lange en uitgebreide staat van dienst. Hij zong in opera's, gaf concerten en trad gedurende tientallen jaren veel op voor radio en tv. Hij maakte een vrolijk uitstapje met zijn rol in de film 'Theo en Thea en de ontmaskering van het tenenkaasimperium'. Eind jaren negentig kwam hij in het nieuws omdat hij met te veel alcohol op een ongeluk veroorzaakte waarbij iemand om het leven kwam. Dat kleefde een tijd aan hem, maar hij pakte de draad daarna weer op.

Ze hebben in Beverwijk trouwens niks te klagen over het aantal beroemde Beverwijkers. Als de nieuwe buurt nog met extra straatnamen wordt uitgebreid, zouden ze ook nog straten kunnen noemen naar Cor Tabak (een gewichtheffer die acht keer Nederlands kampioen was en in 1928 deelnam aan de Olympische Spelen), Piet Groeneveld (een voetballer die in de jaren vijftig driemaal voor het Nederlands Elftal speelde), Bernard Luttikhuizen (een roeier die in 1972 meedeed aan de Olympische Spelen), Pieter Verhagen (een vermaarde architect en stedenbouwkundige), Jaap Duivenvoorde (missionaris en aartsbisschop), Eric Nordholt (tien jaar lang hoofdcommissaris van de politie in Amsterdam) en Peter Pontiac (illustrator en striptekenaar). En dan hebben we het nog niet eens over de wielrenner Niki Terpstra die al vaker Nederlands kampioen is geworden en twee jaar geleden de klassieker Parijs-Roubaix won.

Geldermans en Bakker leven dus allebei nog gewoon. Waarom vond ik het niet vreemd dat er een straat naar Ab Geldermans genoemd wordt en verraste het me wel dat Marco Bakker een eigen straatnaam krijgt? Misschien was dat wel omdat Geldermans zijn prestaties een halve eeuw geleden leverde terwijl Marco Bakker bij wijze van spreken vorige week nog op televisie was. Of misschien is het toch ook wel vanwege dat ongeval. Bakker is daarvoor weliswaar gestraft, maar het blijft toch een smet op zijn blazoen. En dan komt daar nog bij dat we in Nederland wel vaker straten naar nog levende sporthelden noemen - soms zelfs al binnen een paar weken nadat ze een topprestatie geleverd hebben, zoals de afgelopen jaren bij Ranomi Kromowidjojo en Daphne Schippers gebeurde. Een traditie om straten te vernoemen naar nog levende zangers, hebben we hier helemaal niet. Anders hadden Henk Poort en Ernst Daniël Smid (die samen met Marco Bakker hebben opgetreden als "De 3 Baritons") misschien ook al wel een straatnaam gehad.

Wat ik niet wist, is dat Marco Bakker zich in Beverwijk regelmatig heeft ingezet voor maatschappelijke activiteiten. Dat zal voor de gemeente zeker ook hebben meegeteld bij deze vernoeming.

zaterdag 18 juni 2016

Het lieveheersbeestje - zo'n lief beestje verdient toch een straatnaam?

Er zijn in Nederland twee straten genoemd naar het lieveheersbeestje, en jij mag raden hoe die straten heten. Lieveheersbeestjesstraat? Nee. Lieveheersbeestjesweg dan? Nee. Lieveheersbeestjeslaan misschien? Nee. Gewoon Lieveheersbeestje dan? Ja, dat is er een! In Vlijmen hebben ze onlangs een straat met die naam aangelegd. Maar nou die andere straat nog - hoe zou die heten?

Het lieveheersbeestje is zonder twijfel de populairste kever, en misschien zelfs wel het populairste insect van allemaal. Het kleine rode beestje met de zwarte stippen was al populair in de tijd van de Germanen. Zij noemende het de Freyafugle, het vogeltje van de godin Freya. Later werd die naam in allerlei varianten verchristelijkt en noemde men het beestje bijvoorbeeld Mariabeestje, Lieve-Vrouwetorretje of onzelievevrouwebeestje. In het Duits werd dat Marienkäfer en in het Engels ladybird of ladybug. En als variant op dat lievevrouwebeestje werd het op een gegeven moment dus lieveheersbeestje.

Ik ken iemand die die beestjes kapoentjes noemt. Maar de lieveheersbeestjes hebben in Nederland en Vlaanderen nog veel meer bijnamen. Ze worden bijvoorbeeld ook wel oliebeestjes, stippelbeestjes, boerinnetjes, moedergodssterretjes, hemelbeestjes, koffiekuikentjes, poppennonnetjes, lieveheerhennetjes, lieveheerspaardjes, lievehereminnetjes, krûpelhintsjes, sjmautwurmkes, kukelesaantjes, pieternelletjes, piepebontjes, engelbeestjes, piepebontjes, vliegmusjes, koekediefjes, eerebeestjes, pimpampoentjes of zonnekoekjes genoemd.

Dat laatste is trouwens ook het antwoord op de vraag uit de inleiding. In Hengelo (O) ligt een straat die Zonnekoekje heet en die is dus ook naar het lieveheersbeestje genoemd! Enkele andere straten in die buurt heten Meikever, Draaitor, Duizendpoot en Kokerjuffer. De zijstraten van de Honingbij heten er achtereenvolgens Wolbij, Graafbij, Zandbij, Werkbij en Zijdebij. Tijdens de vergadering van de straatnaamcommissie werd vast ook voor de grap geopperd om een straat Sambalbij te noemen, maar dat idee heeft het uiteindelijk niet gehaald. Je kunt er nu wel wonen in de Bladwesp, de Hommel, de Vuurwants of de Krekel.

Er zijn wel meer plekken in Nederland met buurten of wijken waar de straten naar insecten zijn genoemd, maar ik heb nergens anders meer een straat gevonden die naar het lieveheersbeestje is genoemd. En dat terwijl je makkelijk een hele wijk kunt vullen met straten die genoemd zijn naar alle verschillende bijnamen. Toch vreemd voor zo'n ontzettend populair beestje. Of heb ik misschien ergens een van de vele bijnamen van het lieveheersbeestje over het hoofd gezien?

zaterdag 11 juni 2016

De vele Dorpsstraten van Rotterdam (want eentje is niet genoeg)

Na de Kerkstraat, de Schoolstraat en de Molenstraat is de Dorpsstraat de meest voorkomende straatnaam van Nederland. Bij een Dorpsstraat moet je natuurlijk meteen denken aan de hoofdstraat van een lieflijk klein dorp. Zo'n straat met een café en een kerk, en een bankje onder een boom. Maar hoe komt de grote stad Rotterdam aan een Dorpsstraat? Simpel: die hebben ze gekocht. En het bleef niet bij één...

De gemeente Rotterdam is in de laatste tweehonderd jaar flink gegroeid en daarbij zijn behoorlijk wat van de omliggende dorpen opgeslokt. Dat begon in 1816 toen de gemeente Cool werd geannexeerd. In 1886 volgde de annexatie van Delfshaven, in 1895 die van Charlois en Kralingen, in 1934 kwamen Hoogvliet en Pernis erbij, in 1941 annexeerde Rotterdam de gemeenten Hillegersberg, IJsselmonde, Overschie en Schiebroek en in 2010 kwam daar ten slotte Rozenburg nog bij.

Bij de annexatie van Hoogvliet in 1934 kreeg Rotterdam zijn eerste Dorpsstraat. De hoofdstraat van Hoogvliet werd toen Dorpsstraat genoemd, en die straat heet zo tot op de dag van vandaag. Pernis werd in datzelfde jaar geannexeerd en daar hadden ze ook een Dorpsstraat, maar die heet tegenwoordig Pastoriedijk. In 1941 annexeerde Rotterdam de dorpen Overschie, Hillegersberg en IJsselmonde. Die dorpen hadden allemaal een Dorpsstraat, dus toen had Rotterdam er in één klap drie Dorpsstraten bij. Om verwarring te voorkomen werden die hernoemd naar Overschiese Dorpsstraat, Bergse Dorpsstraat en Bovenstraat.

Rotterdam had sinds 1895 ook al een Dorpsweg. Deze ligt in Charlois, dat in dat jaar door Rotterdam werd geannexeerd. Voor die tijd heette die weg de Katendrechtsche weg, omdat hij richting Katendrecht liep. Het dorp van deze Dorpsweg is dus niet Charlois, maar Katendrecht. Bij de aanleg van de wijk Pendrecht verdween een deel van deze Dorpsweg. Het stuk ten noorden van Pendrecht heet nog steeds Dorpsweg. Het stukje dat ten zuiden van Pendrecht overbleef, heet in twee delen Dorpslaan en Dorpshof.

De gemeente Rotterdam heeft tegenwoordig dus een Dorpsstraat, een Dorpsweg, een Dorpslaan en een Dorpshof. En dan ook nog een Overschiese Dorpsstraat en een Bergse Dorpsstraat. Dorpsstraten... je krijgt er nooit genoeg van.

zaterdag 4 juni 2016

Straatnamen in het Fries - over strjitten, leanen en buorren

Als ik ergens ben waar ik niet zo vaak kom, let ik natuurlijk altijd op de straatnaamborden. Onlangs was ik een lang weekend in Friesland en daar viel het me op dat heel veel straatnamen op strjitte, wei, paad, leane, dyk of tún eindigen. Dat is op zich niet vreemd, want veel straatnamen worden officieel in het Fries geschreven. De woorden die ik net noemde, zijn gewoon Fries voor straat, weg, pad, laan, dijk en tuin. Ik zag ook straten die op reed eindigen; reed is een oude Friese variant op (op)rit en het Engelse road, en dus een ander woord voor weg. Maar ik zag ook ontzettend veel straatnamen met buorren erin, en daar kon ik zo snel even niks van maken.

Ik heb eens opgezocht wat buorren betekent, en het is eigenlijk heel simpel. Het is gewoon Fries voor 'buurt', 'buurtschap' of 'buren' - dat had ik eigenlijk ook wel kunnen raden. Het woord wordt vaak gebruikt om de hoofdstraat van een dorp aan te duiden, maar het kan ook voor een huizenblok of een buurtje in het centrum worden gebruikt. Vaak heeft een dorp ook meer dan één buorren.

Je hebt buorren in allerlei soorten en maten. Zo heb je de Greate Buorren en de Lytse Buorren (Grote straat en Kleine straat), de Alde Buorren en de Nije Buorren (Oude straat en Nieuwe straat), de Easterbuorren en de Westerbuorren (Oosterstraat en Westerstraat), de Binnenbuorren en de Bûtenbuorren (Binnenstraat en Buitenstraat), de Fiskersbuorren en de Skippersbuorren (Vissersstraat en Schippersstraat), en de Tsjerkebuorren, de Spoarbuorren, de Mûnebuorren en de Brêgebuorren (Kerkstraat, Spoorstraat, Molenstraat en Brugstraat). In totaal liggen er ruim 200 straten in Friesland met 'buorren' in de naam. Een op de vijf daarvan heet gewoon Buorren of De Buorren.

Mooi. Ik zeg altijd maar zo: "Better goeie buorren, as fiere freonen!"
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...