zondag 19 april 2015

Schelden met straatnamen - je bent zelf een Burelhul!

Schelden, vloeken en tieren met straatnamen, ken je dat? Dat je als het even ontzettend tegenzit niet een godslasterlijke vloek gebruikt, maar heel netjes "Pótgieterstraat!" of "Skútslus!" roept. Of dat je een nare ontdekking doet en instinctief "Kólerhof!" of "Wetéring!" als krachtterm gebruikt. Herken je dat?

Ik moest hieraan denken toen ik onlangs Burelhul op een straatnaambord zag staan. "Je bent zelf een burelhul!", hoorde ik mezelf denken, tot mijn eigen verbazing overigens. Niet dat ik iets tegen de naam of het bord heb, maar ik vond de naam Burelhul gewoon een beetje klinken als een bepaald scheldwoord.

Burelhul is de naam van een fietspad in Radio Kootwijk op de Veluwe, een paar kilometer ten westen van Hoog Buurlo. Ik vind het een mooie naam, maar wel een beetje raar. Ik heb niet direct kunnen vinden waar de naam vandaan komt. Ik vermoed dat Burelhul een oude samentrekking is van 'Buurlo' en 'hul'. De naam (Hoog) Buurlo kwam in de negende eeuw al voor; het is een samenstelling van 'bur' (klein huisje) en 'lo' (bos). En 'hul' is een heel oud woord voor heuvel, net als 'hil' (en verwant met het Engelse 'hill'). Een burel-hul is dan gewoon een heuvel met wat bomen en een klein huisje erop. Ik las dat er in 2012 protesten waren tegen de aanleg van een betonnen fietspad langs de Burelhul. Misschien dat er toen wel wat mensen voor burelhul zijn uitgemaakt. Of voor hondelhul, maar dat is geen bestaande straatnaam. In Gelderland zijn wel meer straatnamen naar een hul genoemd, zoals de Staverhul in Uddel en gewoon De Hul in Wamel, Driel en Alphen. In Drenthe komt de straatnaam juist in het meervoud voor: in Annen, Dalerveen, Drijber en Noord Sleen hebben ze een straat die De Hullen heet.


Straatnamen als krachtterm
Straatnamen bieden een mooi alternatief voor platte schuttingtaal of godslasterlijke krachttermen. Maar wat zijn nou straatnamen die het een beetje goed doen in de scheldende volksmond? Ik noemde in de inleiding al Skutslus, een straat in Drachtstercompagnie in Friesland. In die provincie zijn ook meerdere plaatsen waar de straatnaam Skutsje (of iets wat daarvan is afgeleid) voorkomt. Dat roept ook lekker. De Kolerhof die ik in de inleiding noemde, ligt in Someren en daar hebben ze ook nog een Klotterstraat - die moet je ook maar eens hardop proberen. Bij een grote tegenslag kun je ook de Klotterpeellaan uit De Rips gebruiken. In dezelfde categorie passen de Kuttingerweg (in Epen) en de Kutersteenweg (in Noorbeek). Bij een kleine teleurstelling komt Schuit misschien van pas als alternatief voor 'shit'; Schuit is een straatnaam in Oudkarspel, Vollenhove en Woerden. Een achterbakse vent kun je een Achtersack noemen - dat is een straatnaam in Delft. En voor een vergelijkbare vrouw kun je de Slappedel uit Woudenberg gebruiken. Je ziet het, mogelijkheden genoeg.

Gebruik je zelf wel eens een straatnaam om te schelden of te vloeken? Of ken je een straatnaam die het goed doet als krachtterm? Laat het me weten... roept u maar!

zondag 12 april 2015

Het verhaal van Blauwestad - aan de straatnamen heeft het niet gelegen

Blauwestad. Ik had er al een hele tijd niks meer van gehoord, maar dit weekend was het ineens weer in het nieuws. En dus ben ik er maar eens gaan kijken. Online dan, want in het echt is het er nog een beetje stil.

Het Blauwestad-project is een ambitieus project van de Provincie Groningen dat is opgezet om een flinke economische impuls te geven aan het gebied. Het project bestaat uit de aanleg van het Oldambtmeer (van ruim 800 hectare) met daaromheen een groot gebied voor luxe wonen en recreatie. De eerste ideeën voor het project kregen vorm aan het begin van de jaren negentig. In 2005 werd begonnen met de aanleg van het meer en kort daarna ook met de aanleg van een compleet nieuwe woonplaats: Blauwestad. In 2006 kon men de eerste bewoners van het dorp verwelkomen. Helaas is het daarna om allerlei redenen een stuk minder voorspoedig verlopen dan men bedacht had, maar daarover verderop meer. Ik vertel je eerst wat meer over de opzet van het dorp.

In de plannen bestaat Blauwestad uit vijf woongebieden: Het Dorp, De Wei, Het Park, Het Riet en Het Wold. Voor ieder gebied heeft men een geheel eigen identiteit bedacht, die terugkomen in de uitgangspunten voor groenvoorziening, kavelgrootte, erfafscheiding en architectuur. En het mooie is: voor alle gebieden zijn ook al straatnamen bedacht.
  • Het Dorp was oorspronkelijk bedoeld als het centrum van het dorp. In de recente plannen is dit gebied Het Havenkwartier genoemd; in plaats van woningen gaat men zich daar nu meer richten op horeca met terrassen aan het water, een vakantiepark en een evenemententerrein. Straatnamen in dit gebied zijn bijvoorbeeld de Hoofdstraat, de Brugstraat en het Redersplein. Dat klinkt best dorps.
  • De Wei moet een beetje gaan lijken op Giethoorn, met rechte kanalen en lange stroken land. Hier kun je echt aan het water wonen. Het zal niet heel veel inspanning gekost hebben om te bedenken dat het leuk zou zijn om de straten hier naar water- en weidevogels te noemen. En zo kwam men op de Meerkoet, de Watersnip, de Leeuwerik, de Grutto, de Kiekendief, de Kievit en de Zwaan.
  • In Het Park woon je minder aan het water maar meer in het groen. Het moet er klassiek en statig worden. Veel gras, sierlijke boompartijen, van die dingen. Logisch dat men besloten heeft om de straten daar naar paddenstoelen te noemen, maar dan wel paddenstoelen die een beetje sjiek klinken: de Cantharel, de Bovist en de Elfenbank.
  • Het gebied Het Riet bestaat uit organisch vormgegeven eilanden met smalle weggetjes en veel riet. Heel authentiek en natuurlijk. Toen ik de straatnamen voor het eerst zag, dacht ik dat die uit de catalogus van IKEA waren geplukt: Vikna, Falster, Anholt, Funen, Endelave, Langeland, Bornholm en Freya. Maar het blijken (voornamelijk) Deense eilanden te zijn. Dat is wel toepasselijk voor een woonbuurt met eilanden.
  • In Het Wold kun je ruim en rustig wonen midden in het bos, met bomen. Dus heeft men voor de straatnamen bedacht dat dat iets met bomen moet zijn, maar dan wel met een stijlvolle uitstraling. En zo kwam men op Esdoornschans, Berkenborg, Beukenschans, Elzenborg, Dennenborg en Wilgenschans. Schanzen en borgen geven zo'n buurt allure.
Het was in 2005 de bedoeling dat er in Blauwestad in tien jaar tijd 1.480 woningen gebouwd zouden worden, maar dat is door allerlei problemen niet gelukt. We zijn nu tien jaar verder en zijn er nog niet eens 200 huizen gebouwd. Men heeft de plannen daarom flink bijgesteld en bijvoorbeeld besloten om minder huizen te bouwen en meer delen van het gebied te ontwikkelen voor natuur en recreatie. En in plaats van in 2016 streeft men er nu naar om in 2051 klaar te zijn met de ontwikkelingen.

Het is natuurlijk heel erg jammer dat het allemaal niet zo voorspoedig is gelopen als men gehoopt had. Maar aan de straatnamen heeft dat denk ik niet gelegen.

maandag 6 april 2015

Baanbrekend onderzoek: de meeste banen in Noord-Brabant en in Limburg eindigt alles op straat

Een jaar geleden heb ik een onderzoek gedaan naar de populariteit van achtervoegsels zoals -straat, -weg en -laan. Om onduidelijke redenen heb ik er toen helemaal niet aangedacht om meteen even uit te zoeken hoe die populariteit verdeeld is over het land. Stom, want iedereen wil natuurlijk weten welke straatnamen in zijn provincie het meeste voorkomen.

In absolute aantallen heeft Noord-Brabant de meeste -straten en -dreven, Gelderland de meeste -wegen, -dijken en -stegen, en Zuid-Holland de meeste -lanen, -hoven, - pleinen, -paden en -singels. Maar die vergelijking is niet eerlijk, want in Noord-Brabant, Zuid-Holland en Gelderland hebben ze véél meer straatnamen dan in bijvoorbeeld Drenthe of Flevoland. Als we kijken hoe vaak een bepaald achtervoegsel relatief voorkomt in een bepaalde provincie (als percentage van het totaal aantal straten in die provincie, en in vergelijking met dat percentage voor andere provincies) dan geeft dat een heel ander beeld.

Ik loop alle provincies even langs, dan kun je zelf even kijken waarin jouw eigen provincie zich onderscheidt:
  • Van Limburg valt vooral op dat er zo ontzettend veel straatnamen gewoon op -straat eindigen. Van alle Limburgse straatnamen eindigt 45% op -straat, terwijl het gemiddelde voor heel Nederland 32% is. In Limburg hebben ze daarnaast relatief ook de meeste straten die op -broek eindigen.
  • In Noord-Brabant heb je de meeste kans op een -baan (met Limburg als goede tweede; de kleinste kans op een -baan heb je in Overijssel en Gelderland). Straatnamen die eindigen op -eind, -heuvel, -beemd of -akker komen ook duidelijk het meest voor in Noord-Brabant. Grappig is dat straatnamen die op -akkers eindigen (dus met een extra s) juist het meest in Drenthe voorkomen.
  • De meeste straatnamen die op -dam of -dijk eindigen liggen in Zeeland. Maar dat is natuurlijk niet verrassend, want daar hebben ze gewoon nogal veel dammen en dijken. Wat me wel verraste is dat ze in Zeeland relatief ook de meeste -markten hebben, met grote voorsprong zelfs. Er liggen ook nergens meer -wegjes dan in Zeeland.
  • In Zuid-Holland hebben ze relatief de meeste -kades, -singels, -plaatsen en -pleinen. Rijd je in een straat waarvan de naam eindigt op -erf? Dan heb je ook een grote kans dat je in Zuid-Holland bent. En -wegen hebben ze er in vergelijking dan weer juist het minst van alle provincies.
  • Het zal je waarschijnlijk niet verbazen dat ze in Noord-Holland relatief de meeste -grachten hebben; bijna 40% van alle Nederlandse -grachten ligt in Noord-Holland. In Noord-Holland liggen relatief ook de meeste -parken.
  • In de provincie Utrecht hebben ze in vergelijking met andere provincies de meeste -lanen, -hoven en -dreven, en ze hebben er ook veel straten die op -burg eindigen (terwijl je voor een -borg juist naar Groningen moet). Ook opvallend: in Utrecht eindigen relatief de meeste straatnamen op -kruid, -gras en -mos.
  • In Flevoland hebben ze relatief de meeste -paden en -plantsoenen. Flevoland heeft in vergelijking met de andere provincies erg weinig -stegen en -dijken. Verder valt Flevoland vooral op door de achtervoegsels die ze er helemaal niet hebben: geen -wei, geen -eind, geen -heuvel, geen -veen, geen -mos, geen -wegje en geen -kanaal.
  • Gelderland heeft absoluut gezien de meeste -wegen, -dijken en -stegen van allemaal. In relatieve zin scoort Gelderland met veel straatnaamachtervoegsels echter heel gemiddeld. Alleen met -steeg springt Gelderland er in vergelijking met de andere provincies bovenuit. Het achtervoegsel -gas (als aanduiding voor een steeg) komt ook alleen in Gelderland voor (meer specifiek: alleen in Nijmegen).
  • In Overijssel hebben ze relatief de meeste -wegen: 25% van de straatnamen eindigt daar op -weg, terwijl het landelijk gemiddelde 14,5% is. Ook de -esch, -horst, -hoek en -beek komen relatief het meest in Overijssel voor (hoewel Overijssel qua -beken maar nipt wint van Limburg en Flevoland).
  • In Drenthe hebben ze relatief veel straten die op -veld, -kamp, -brink, -maat of -veen eindigen. Die namen passen allemaal mooi bij de eigenschappen van het landschap aldaar. Drenthe scoort in verhouding slecht met het aantal -singels, -burgen en -markten.
  • De achtervoegsels -strjitte en -wei doen het met afstand het beste in Friesland; als je het in absolute aantallen bekijkt, komen ze in Friesland zelf op de derde en vierde plaats, na -straat en -weg. Dat is niet zo vreemd, want 'strjitte' is Fries voor 'straat' en 'wei' voor 'weg'. Buiten Friesland is er dan ook helemaal geen -strjitte te bekennen. Straatnamen die op -wei eindigen komen (op Flevoland na) in alle provincies voor, want daar kan 'wei' ook gebruikt worden voor een veld met gras. Door dat grote aantal strjittes en weis heeft Friesland in vergelijking met andere provincies relatief ook erg weinig -straten en -wegen (het minst van allemaal), en ook veel minder -lanen, -hoven, -paden en -dreven dan de andere provincies.
  • De provincie Groningen springt er in deze grote vergelijking maar met één achtervoegsel uit: Groningse straatnamen eindigen relatief veel op -borg. Daarnaast scoort Groningen relatief veel tweede plaatsen: met de -wegen (achter Overijssel), de -lanen (achter Utrecht) en de -singels (achter Zuid-Holland).

Zo, dan weet je dat ook weer.


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...